I Koningen 16:34



34 In zijn dagen bouwde Hiel, de Betheliet, Jericho; op Abiram, zijn eerstgeborenen zoon heeft hij haar gegrondvest, en op Segub, zijn jongsten zoon, heeft hij haar poorten gesteld; naar het woord des HEEREN, dat Hij door den dienst van Jozua, den zoon van Nun, gesproken had.

Kommentar till denna vers  

Av Henry MacLagan

Verse 34. And in this corrupted and perverted state of man and of the Spiritual Church does Idolatry, or worship from self and the world, rear up the infernal falsity which defends evil and hinders the realization of good, the first consequence of which is the rejection of faith and the last the rejection of Charity, according to the Divine Truth from Divine Good which teaches that evils are to be resisted from a principle of good, and that he is eternally separated from the Lord, who confirms himself in evil by means of falsity.