Ware Christelijke Religie #39

Door Emanuel Swedenborg

Bestudeer deze passage

        |   
/ 853  
  

39. III. God is, aangezien Hij de Liefde zelf en de Wijsheid zelf is, het Leven zelf, hetwelk het Leven is in zichzelf. Bij Johannes wordt gezegd:

‘Het Woord was bij God, en God was het Woord; in hetzelve was het leven, en het leven was het licht der mensen’, (Johannes 1:1, 4).

Onder God wordt daar de Goddelijke Liefde verstaan en onder het Woord de Goddelijke Wijsheid. De Goddelijke Wijsheid is eigenlijk het Leven, en het Leven is eigenlijk het Licht, dat uit de Zon van de geestelijke wereld voortgaat; in het midden van deze Zon is Jehovah God. De Goddelijke Liefde vormt het leven, zoals het vuur het licht vormt. Er zijn in het vuur twee dingen: brandkracht en glans; vanuit de brandkracht gaat warmte voort en vanuit de glans gaat licht voort. Zo ook zijn er in de liefde twee dingen; het ene, waarmee de brandkracht van het vuur overeenstemt, en dat iets is wat in het binnenste de wil van de mens aandoet; en het andere waarmee de glans van het vuur overeenstemt, en dat iets is wat in het binnenste het verstand van de mens aandoet. Hieruit heeft de mens liefde en inzicht, want zoals herhaaldelijk eerder werd gezegd, vanuit de Zon van de geestelijke wereld gaat warmte voort, die in haar wezen liefde is, en licht dat in zijn wezen wijsheid is. Deze twee vloeien in alle en elk van de dingen van het heelal en doen deze in het binnenste aan; en bij de mensen vloeien zij in hun wil en in hun verstand in, welke beide geschapen zijn om de ontvangende vaten van de invloeiing te zijn: de wil het ontvangende vat van de liefde en het verstand het ontvangende vat van de wijsheid. Hieruit blijkt duidelijk dat het leven van de mens woont in het verstand, en dit zodanig is, als zijn wijsheid is en dat de liefde van de wil haar modificeert.

  
/ 853  
  

Swedenborg Boekhuis Baarle Nassau, Netherlands Nederlandse vertaling door Henk Weevers 2010. Link markup by NCBSP.