Ware Christelijke Religie #282

Bestudeer deze passage

        |   
/ 853  
  

282. Er bestaat geen volk op de hele wereld, dat niet weet, dat het kwaad is te doden, overspel te plegen, te stelen, valse getuigenis af te leggen; en dat wanneer dit kwaad niet door wetten voorkomen zou worden, geen rijk noch staat noch welke gevestigde maatschappij dan ook zou voortbestaan. Wie kan zich dan ook voorstellen, dat meer dan anderen het volk van Israël zo dom zou zijn om niet te weten dat dit boosheden waren? Men kan zich daarover verbazen, dat deze, over de hele wereld bekende wetten, op zo'n wonderbaarlijke wijze van de berg Sinaď door Jehovah Zelf verkondigd werden. Maar luister! Zij werden op zo'n wonderbaarlijke wijze verkondigd, opdat men weten zou, dat deze wetten niet alleen burgerlijke en zedelijke wetten zijn, maar ook Goddelijke Wetten, en dat daartegen te handelen niet alleen betekent dat men de naaste, dus de medeburger en de maatschappij kwaad doet, maar ook zondigt tegen God: daarom werden deze wetten, door de verkondiging van de berg Sinaď door Jehovah, ook gemaakt tot wetten van de religie. Het ligt voor de hand dat al wat Jehovah gebiedt, Hij gebiedt opdat het tot de religie zal behoren en opdat men het zal doen ter wille van de zaliging. Maar alvorens de geboden te verklaren, dient ter inleiding over de heiligheid ervan te worden gehandeld, opdat duidelijk mag zijn, dat daar de godsdienst in gelegen is.

De Decaloog was de heiligheid zelf in de Israëlitische Kerk.

  
/ 853  
  

Swedenborg Boekhuis Baarle Nassau, Netherlands Nederlandse vertaling door Henk Weevers 2010. Link markup by NCBSP.