Leer over het Geloof #13

Study this Passage

        
/ 72  
  

13. De innerlijke erkenning van het ware, wat het geloof is, bestaat niet bij anderen dan bij hen die in de naastenliefde zijn.

Boven is gezegd wat het geloof is; hier zal gezegd worden wat de naastenliefde is. De naastenliefde in haar eerste oorsprong is de aandoening van het goede, en omdat het goede het ware liefheeft, brengt ze de aandoening van het ware voort, en hierdoor de erkenning van het ware, wat het geloof is. Door deze [drie] in een reeks komt de aandoening van het ware tot ontstaan en wordt de naastenliefde. Dit is de voortgang van de naastenliefde uit haar oorsprong, wat de aandoening van het goede is, door het geloof, wat de erkenning van het ware is, tot haar einddoel, wat de naastenliefde is; het einddoel is de daad of de handeling. Uit deze dingen blijkt, hoe de liefde, dus de aandoening van het goede, het geloof voortbrengt, wat hetzelfde is als de erkenning van het ware en hierdoor de naastenliefde voortbrengt, wat hetzelfde is als de daad van liefde door het geloof.

  
/ 72  
  
   Study this Passage

Published by Swedenborg Boekhuis.


Vertalen: