Leer over de Gewijde Schrift #6

Door Emanuel Swedenborg

Bestudeer deze passage

  
/ 118  
  

6. Uit de Heer gaat voort het Hemelse, het Geestelijke en het Natuurlijke, het ene na het andere. Het Hemelse wordt genoemd, datgene dat voortgaat vanuit Zijn Goddelijke Liefde, en dit is het Goddelijk Goede; het Geestelijke wordt genoemd dat wat voortgaat vanuit Zijn Goddelijke Wijsheid, en dit is het Goddelijk Ware; en het Natuurlijke is vanuit het ene en het andere; het is het samenstelling ervan in het laatste. De engelen van het hemels rijk van de Heer, vanuit wie de derde of hoogste hemel is, zijn in het Goddelijke dat voortgaat uit de Heer, dit wordt het hemelse genoemd; want zij zijn in het goede van de liefde uit de Heer. De engelen van het geestelijk rijk van de Heer, vanuit wie de tweede of middelste hemel is, zijn in het Goddelijke dat voorgaat uit de Heer, wat het geestelijke wordt genoemd, zij zijn immers in de ware dingen van de wijsheid uit de Heer. De mensen echter van de kerk in de wereld, zijn in het Goddelijk Natuurlijke, wat ook voortgaat uit de Heer. Vanuit deze dingen volgt, dat het Goddelijk voortgaande uit de Heer tot zijn laatsten, neerdaalt door drie graden en genoemd wordt: hemels, geestelijk en natuurlijk. Het Goddelijke dat uit de Heer tot de mensen neerdaalt, daalt door die drie graden neer, en wanneer het is neergedaald, bevat het die drie graden in zich: al het Goddelijke is zodanig; daarom is het, wanneer het in zijn laatste graad is, in zijn volheid; zodanig is het Woord. Dit is in zijn laatste zin natuurlijk, in zijn innerlijke zin is het geestelijk en in de binnenste zin hemels en het is Goddelijk in elke zin. Dat het Woord zodanig is, verschijnt niet in de letterlijke zin ervan die natuurlijk is. De oorzaak hiervan is, dat de mens van de wereld voordien niets heeft geweten over de hemel en vandaar niet wat het Geestelijke en wat het Hemelse, en dus ook niet het onderscheid tussen die en tussen het natuurlijke.

  
/ 118  
  

Published by Swedenborg Boekhuis.