Hemel en Hel #522

Bestudeer deze passage

        |   
/ 603  
  

522. Eerst zal echter verklaard moeten worden wat de Goddelijke genade is. Goddelijke genade is zuivere genade voor het gehele menselijke geslacht, om dat zalig te maken. Zij wordt onophoudelijk aan ieder mens aangeboden en wijkt van niemand terug, zodat iedereen die zo mogelijk gezaligd kan worden, ook zalig wordt. Maar niemand kan zalig worden dan door Goddelijke middelen, die door de Heer in het Woord zijn geopenbaard. Goddelijke middelen zijn Goddelijke waarheden; deze leren hoe de mens moet leven om zalig te worden. Door deze waarheden leidt de Heer de mens naar de hemel en plant hem het leven van de hemel in. De Heer doet dit bij allen. Maar Hij kan niemand het leven van de hemel inplanten, tenzij hij afstand doet van het kwade; want het kwade werkt dit tegen. Naarmate daarom de mens afstand doet van het kwade, leidt hem de Heer door Goddelijke middelen uit loutere genade, en zulks van Zijn kindsheid af tot aan het einde van zijn leven in de wereld en daarna tot in de eeuwigheid. Dit is het wat onder Goddelijke genade is te verstaan. Uit deze opmerkingen is het duidelijk dat de genade van de Heer zuivere genade is, maar geen onmiddellijke genade, die alleen zalig maakt uit enkel goedvinden, onverschillig hoe zij hebben geleefd.

  
/ 603  
  

Thanks to the Swedenborg Boekhuis NL and Guus Janssens for their permission to use this translation.