Echtelijke Liefde #210

Door Emanuel Swedenborg

Bestudeer deze passage

  
/ 535  
  

210. I. Dat de eigenlijke zin van de echtelijke liefde de zin van de tast is.

Iedere liefde heeft haar zin; de liefde van te zien uit de liefde van te verstaan, heeft de zin van het gezicht en de bekoringen ervan zijn symmetrie en schoonheid;

de liefde van te horen uit de liefde van te luisteren en te gehoorzamen, heeft de zin van het gehoor en de bekoring ervan is de harmonie;

de liefde van de dingen te leren kennen die rondvloeien in de lucht uit de liefde van te doorvatten, heeft de zin van de reuk en de bekoringen ervan zijn aangename geuren;

de liefde van zich te voeden uit de liefde van zich te doordrenken met de goede en de ware dingen, heeft de zin van de smaak en de verkwikkingen ervan zijn lekkernijen;

de liefde van voorwerpen te leren kennen uit de liefde van rondom schouwen en zich te beschermen, heeft de zin van de tast en de bekoringen ervan zijn de prikkelingen en strelingen.

Dat de liefde van zich te verbinden met de gelijke uit de liefde van het goede en het ware te verenigen, de zin van de tast heeft, komt omdat die zin de gemeenschappelijke van alle zinnen is en vandaar alle bijdragen daaruit trekt.

Dat deze liefde alle hier genoemde in gemeenschap met zichzelf brengt en de bekoringen ervan aan zich toekent, is bekend.

Dat de zin van de tast aan de echtelijke liefde is toegewezen en dat die de eigenlijke zin ervan is, blijkt uit geheel het spel ervan en uit de verhoging van de fijnheden ervan tot het toppunt van kostelijkheid.

Maar het wordt aan de minnaars overgelaten om deze gedachten meer uitgebreid te behandelen.

  
/ 535  
  

Nederlandse vertaling door Henk Weevers. Digitale publicatie Swedenborg Boekhuis, 2017, op www.swedenborg.nl