Hemelse Verborgenheden in Genesis #4038

Hemelse Verborgenheden in Genesis (Weevers vertaling)      

Study this Passage

Ga naar sectie / 10837  

← Vorige   Volgende →

4038. En kamelen en ezels; dat dit de uiterlijke en de buitenste ware dingen van het goede betekenen, staat vast uit de betekenis van de kamelen, namelijk de algemene wetenschappelijke dingen van de natuurlijke mens, nrs. 3048, 3071, 3143, 3145;

de algemene wetenschappelijk dingen zijn de lagere of uiterlijke ware dingen van het goede; en uit de betekenis van de ezels, namelijk de nog lagere of buitenste ware dingen van het natuurlijk goede, nr. 2781. Wat de innerlijke goede en ware dingen zijn en dan de middelste en dan de uiterlijke en de buitenste, kan vaststaan uit wat in nr. 4009 is gezegd. Er zijn bij de mens drie dingen in het algemeen, namelijk het lichamelijke, het natuurlijke en het redelijke; het lichamelijke is het buitenste, het natuurlijke is het middelste en het redelijke is het innerlijke; voor zoveel als bij de mens het ene meer regeert dan het andere, voor zoveel wordt hij lichamelijk of natuurlijk of redelijk genoemd; deze drie delen van de mens staan wonderbaarlijk met elkaar in gemeenschap, namelijk het lichamelijke met het natuurlijke en het natuurlijke met het redelijke. In het begin wanneer de mens wordt geboren, is hij louter lichamelijk, maar in hem is het vermogen dat hij vervolmaakt kan worden; daarna wordt hij natuurlijk en tenslotte redelijk; daaruit kan vaststaan dat er een vergemeenschapping is van het ene met het andere; het lichamelijke heeft gemeenschap met het natuurlijke door de zinlijke dingen en wel op onderscheiden wijze door die dingen die tot het verstand behoren en door die welke tot de wil behoren, want de wil en het verstand moeten bij de mens vervolmaakt worden, opdat hij een mens zal worden en zal zijn; het zijn voornamelijk de zinlijke dingen van het gezicht en van het gehoor die zijn verstandelijk vermogen vervolmaken; de drie overige zinnen betreffen voornamelijk de wil. Het lichamelijke van de mens heeft door die zinlijke dingen gemeenschap met zijn natuurlijke, dat, als gezegd het middelste deel is; want de dingen die door de zinlijke dingen binnentreden, leggen zich in het natuurlijke als in een zekere bewaarplaats neer; deze bewaarplaats is het geheugen; het verkwikkelijke daar, de lust en de begeerte behoren tot de wil en worden de natuurlijke goede dingen genoemd; maar de wetenschappelijke dingen daar behoren tot het verstand en worden de natuurlijke ware dingen genoemd. Het natuurlijke van de mens heeft door deze dingen gemeenschap met zijn redelijke, dat, zoals gezegd, het innerlijke deel is; de dingen die zich van daar naar het redelijke verheffen, leggen zich in het redelijke ook als in een zekere bewaarplaats neer; deze bewaarplaats is het innerlijk geheugen, waarover de nrs. 2469-2480; het gezegende daar en het gelukzalige behoren tot de wil en zij zijn van het redelijk goede; en de innerlijke inzichten van de dingen en de doorvattingen behoren tot het verstand en de dingen die daarvan zijn, worden de redelijke ware dingen genoemd. Het zijn deze drie dingen die de mens samenstellen; tussen die drie dingen bestaat verbinding; het zijn de buitenste zinlijke dingen waardoor het lichamelijke van de mens gemeenschap heeft met zijn natuurlijke en het zijn de innerlijke zinlijke dingen waardoor het natuurlijke van de mens gemeenschap heeft met zijn redelijke; de dingen dus die in het natuurlijke van de mens zijn, nemen vanuit de buitenste zinlijke dingen, die de eigen dingen van het lichaam zijn en deze worden de uiterlijke en buitenste ware dingen van het goede genoemd; de dingen echter die uit de innerlijke zinlijke dingen nemen, en die zijn geest eigen zijn en met het redelijke gemeenschap hebben, zijn die welke de innerlijke goede en ware dingen worden genoemd. Het zijn deze drie in hun orde uit de innerlijke dingen, die in de innerlijke zin worden aangeduid door de kudden, door de dienstmaagden en de dienstknechten en door de kamelen en de ezels. Vervolg over de Grootste Mens en over de overeenstemming, hier over de overeenstemming met de grote en de kleine hersenen.

Ga naar sectie / 10837  

← Vorige   Volgende →

   Study this Passage
From Swedenborg's Works

Inbound References:

Over het Nieuwe Jeruzalem en haar Hemelse Leer 121


Nederlandse vertaling door Henk Weevers. Digitale publicatie Swedenborg Boekhuis, van 2012 t/m 2017 op www.swedenborg.nl


Vertalen: