Hemelse Verborgenheden in Genesis en Exodus #41

Study this Passage

        
/ 10837  
  

41. Al wat tot het eigene van de mens behoort, heeft geen leven in zichzelf, en wanneer het zich zichtbaar vertoont, verschijnt het harde, als benig en zwart; maar alles wat van de Heer komt heeft het leven. Het geestelijke en het hemelse is daarin en wanneer het zich zichtbaar vertoont, verschijnt het als levende menselijkheid. En wat misschien ongelooflijk schijnt, maar toch de volste waarheid is; elk minste woord, elk minste denkbeeld en zelfs elk minste deeltje van het overdenken van een engel-geest leeft, en in de kleinste bijzonderheden daarvan is een neiging, die van de Heer, Die het leven Zelf is, uitgaat. Vandaar dat alles wat van de Heer komt, het leven in zich heeft, omdat het geloof in Hem bevat. En hier wordt dit aangeduid met levende ziel. Zij hebben ook een soort van lichaam dat hier wordt aangeduid met zich bewegen of kruipen. Deze dingen zijn tot dusverre nog wel verborgenheden voor de mens, maar worden hier alleen vermeld, omdat er sprake is van de levende en zich bewegende ziel.

(Referenties: Genesis 1:20)

  
/ 10837  
  
   Study this Passage

Nederlandse vertaling door Henk Weevers. Digitale publicatie Swedenborg Boekhuis, van 2012 t/m 2021 op www.swedenborg.nl


Vertalen: