In Genesis 40:17, dit betekent het binnenste van de wil van de mens. (Hemelse Verborgenheden 5146)
In Jesaja 17:6, het betekent het diepste van de natuurlijke waarheden van de mens. (Hemelse Verborgenheden 2831)
In Mattheüs 23:6; Marcus 12:39; en Lucas 11:43, dit betekent de liefde voor de superioriteit van het zelf, en de daaruit voortvloeiende valsheden van doctrines. (Hemelse Verborgenheden 1936, 3417[3])


