Over de Goddelijke Liefde #0

Over de Goddelijke Liefde (Zelling, Janssens Vertaling)      

Go to section / 21  

Next →

Inhoud:

1. In de wereld wordt slechts weinig begrepen wat de liefde is, terwijl zij toch het leven zelf van de mens is.

2. Dat de Heer alleen de Liefde Zelf is, omdat Hij het leven zelf is, en dat mens en engel slechts ontvangers zijn.

3. Het leven, zijnde de Goddelijke Liefde, is in een vorm.

4. Die vorm is de vorm van het nut in de gehele samenvatting.

5. In zo’n vorm is de mens in het bijzonder.

6. In zo’n vorm is de mens in het algemeen.

7. In zo’n vorm is de Hemel.

8. In zo’n vorm is de mens in het algemeen.

9. In zo’n vorm is de mens in het algemeen is.

10. Dat er van de aandoeningen geslachten en soorten zijn, en van de soorten verschillen tot in het oneindige, eender van de nutten.

11. Dat er graden van aandoeningen en nutten zijn.

12. Dat elk nut zijn leven trekt uit het gemene, en dat vanuit dat de noodzakelijke, de nuttige, en de verkwikkelijke dingen des levens invloeien volgens het hoedanige van het nut en het hoedanige van de aandoening ervan.

13. Dat voor zoveel de mens in de liefde van het nut is, hij voor evenzoveel in den Heer is, voor evenzoveel Hem liefheeft en den naaste liefheeft, en mens is.

14. Dat diegenen niet mensen zijn, noch in den Heer, die zich boven alle dingen liefhebben, en de wereld zoals zichzelf.

15. Dat de mens niet van gezond gemoed is tenzij het nut is diens aandoening of bezigheid.

16. Dat elk mens aandoening is, en dat er zoveel verschillende aandoeningen zijn als er mensen geboren zijn, en als er geboren zullen worden tot in het eeuwige.

17. Dat de mens het eeuwige leven heeft volgens zijn aandoening des nuts.

18. Dat des mensen wil is diens aandoening.

19. Dat liefhebben in het Woord is nutten doen.

20. Dat de liefde warmte voortbrengt.

21. Dat de Goddelijke Liefde, zijnde het Leven zelf, door middel van de warmte de geestelijk-animale vormen voortbrengt, met alle en de afzonderlijke dingen die daarin zijn.

Go to section / 21  

Next →


Naar de Nederlandse vertaling van Anton Zelling 1969, gemoderniseerd door Guus Janssens. Digitale uitgave - Swedenborg Boekhuis - 2006.


Translate: