Engelenwijsheid over de Goddelijke Liefde en de Goddelijke Wijsheid # 65

Napsal(a) Emanuel Swedenborg

Prostudujte si tuto pasáž

  
/ 432  
  

65. DE NUTTEN VAN ALLE DINGEN DIE GESCHAPEN ZIJN KLIMMEN OP DOOR GRADEN UIT DE LAATSTE DINGEN TOT AAN DE MENS EN DOOR DE MENS TOT GOD DE SCHEPPER, DE BRON VAN ALLES.

‘ De laatste dingen’ zijn, zoals boven is gezegd, alle en de afzonderlijke dingen van het delfstoffenrijk, die materies zijn van verschillend geslacht uit: steenachtige, zoutachtige, olieachtige, minerale en metalen substatie, bedekt met humus vanuit plantaardige en dierlijke dingen die vervallen zijn tot het fijnste stof. In deze dingen is het einde en eveneens de aanvang gelegen van alle nutten die vanuit het leven zijn; het einde van alle nutten is het streven om nutten voort te brengen, en de aanvang is de drijvende kracht vanuit dat streven; deze behoren tot het delfstoffenrijk. ‘De middelste dingen’ zijn alle en de afzonderlijke dingen van het plantenrijk, zoals: de grassen en kruiden van elk geslacht, en bomen van elk geslacht. De nutten van deze zijn voor alle en de afzonderlijke dingen van het dierenrijk, zowel voor de onvolmaakte, als de volmaakte; zij voeden die, maken die levend en verlustigen die; zij voeden de lichamen ervan met hun plantaardige materies, en verlustigen de dierlijke zinnen met smaak, geur en schoonheid, en maken de aandoeningen ervan levend. Het streven tot die dingen is daarin ook van het dierenrijk. De laagste daar worden wormen en insecten genoemd, de middelste vogels en beesten, en de hoogste mensen; want in elk rijk zijn laagsten, middelsten en de hoogste; de laagsten voor het nut van de middelsten, en de middelsten voor het nut van de hoogste. Zo klimmen in orde de nutten op van alle dingen die geschapen zijn, uit laatste dingen tot de mens, die de eerste in orde is.

  
/ 432  
  

Published by Swedenborg Boekhuis.