Genesis 20

Studovat vnitřní smysl

Dutch Staten Vertaling         

← Genesis 19   Genesis 21 →

1 En Abraham reisde van daar naar het land van het zuiden, en woonde tussen Kades en tussen Sur; en hij verkeerde als vreemdeling te Gerar.

2 Als nu Abraham van Sara, zijn huisvrouw, gezegd had: Zij is mijn zuster, zo zond Abimelech, de koning van Gerar, en nam Sara weg.

3 Maar God kwam tot Abimelech in een droom des nachts, en Hij zeide tot hem: Zie, gij zijt dood om der vrouwe wil, die gij weggenomen hebt; want zij is met een man getrouwd.

4 Doch Abimelech was tot haar niet genaderd; daarom zeide hij: Heere! zult Gij dan ook een rechtvaardig volk doden?

5 Heeft hij zelf mij niet gezegd: Zij is mijn zuster? en zij, ook zij heeft gezegd: Hij is mijn broeder. In oprechtheid mijns harten en in reinheid mijner handen, heb ik dit gedaan.

6 En God zeide tot hem in den droom: Ik heb ook geweten, dat gij dit in oprechtheid uws harten gedaan hebt, en Ik heb u ook belet van tegen Mij te zondigen; daarom heb Ik u niet toegelaten, haar aan te roeren.

7 Zo geef dan nu dezes mans huisvrouw weder; want hij is een profeet, en hij zal voor u bidden, opdat gij leeft; maar zo gij haar niet wedergeeft, weet, dat gij voorzeker sterven zult, gij, en al wat uwes is!

8 Toen stond Abimelech des morgens vroeg op, en riep al zijn knechten, en sprak al deze woorden voor hun oren. En die mannen vreesden zeer.

9 En Abimelech riep Abraham, en zeide tot hem: Wat hebt gij ons gedaan? en wat heb ik tegen u gezondigd, dat gij over mij en over mijn koninkrijk een grote zonde gebracht hebt? gij hebt daden met mij gedaan, die niet zouden gedaan worden.

10 Voorts zeide Abimelech tot Abraham: Wat hebt gij gezien, dat gij deze zaak gedaan hebt?

11 En Abraham zeide: Want ik dacht: alleen is de vreze Gods in deze plaats niet, zodat zij mij om mijner huisvrouw wil zullen doden.

12 En ook is zij waarlijk mijn zuster; zij is mijns vaders dochter, maar niet mijner moeder dochter; en zij is mij ter vrouwe geworden.

13 En het is geschied, als God mij uit mijns vaders huis deed dwalen, zo sprak ik tot haar: Dit zij uw weldadigheid, die gij bij mij doen zult; aan alle plaatsen waar wij komen zullen, zeg van mij: Hij is mijn broeder!

14 Toen nam Abimelech schapen en runderen, ook dienstknechten en dienstmaagden, en gaf dezelve aan Abraham; en hij gaf hem Sara zijn huisvrouw weder.

15 En Abimelech zeide: Zie, mijn land is voor uw aangezicht; woon, waar het goed is in uw ogen.

16 En tot Sara zeide hij: Zie, ik heb uw broeder duizend zilverlingen gegeven; zie, hij zij u een deksel der ogen, allen, die met u zijn, ja, bij allen, en wees geleerd.

17 En Abraham bad tot God; en God genas Abimelech, en zijn huisvrouw, en zijn dienstmaagden, zodat zij baarden.

18 Want de HEERE had al de baarmoeders van het huis van Abimelech ganselijk toegesloten, ter oorzake van Sara, Abrahams huisvrouw.

← Genesis 19   Genesis 21 →
   Studovat vnitřní smysl
Swedenborg

Hlavní výklad ze Swedenborgových prací:

Hemelse Verborgenheden in Genesis 1197, 1502, 2496, 2497, 2499, 2500, 2501, ...


Další odkazy Swedenborga k této kapitole:

Hemelse Verborgenheden in Genesis 1209, 2552, 2553, 2554, 2559, 2560, 2561, ...

Leer over het Geloof 50


References from Swedenborg's unpublished works:

Apocalypse Explained 710

Jiný komentář

  Příběhy:


  Biblická studia:



Hop to Similar Bible Verses

Genesis 12:9, 12, 13, 15, 16, 17, 18, 13:9, 16:7, 21:34, 26:1, 6, 28:12, 31:7, 24, 34:10, 37:5, 9, 40:5, 42:34, 46:2

I Samuël 25:26

2 Chronicles 30:18

Job 4:13, 33:15, 17, 42:9

Psalm 7:9, 105:14

Proverbs 6:29

Mattheüs 1:20

James 5:16

Word/Phrase Explanations

Abraham
Abraham (or Abram, as he is named in the beginning of his story) is one of the major characters in the story of the sacred...

reisde
'To journey' signifies the institutes and order of life.

Land
Land' in the Word, denotes the church, for the things which signify the church also signify the things relating to the church, for these constitute...

zuiden
'South' denotes truth in light.

Kades
'Kadesh' denotes truths, and contention about truths.

Gerar
Gerar, as in Genesis 10:19, signifies those things which are revealed concerning faith.

sara
'Sarah' denotes truth joined to good. Sarai was called 'Sarah' so she would represent the divine intellectual principle by adding the 'H' from the name...

zuster
The Lord calls people who are in truth from the good of charity from Him 'sisters,' as in Matthew 12:50. 'Sister' denotes intellectual truth, when...

Abimelech
Abimelech, his companion Ahusath, and Phicol, the chief captain of his army (Genesis 26:26), represent the doctrinals of faith as grounded in the literal sense...

koning
The human mind is composed of two parts, a will and an understanding, a seat of loves and affections, and a seat of wisdom and...

God
The Lord is love itself, expressed in the form of wisdom itself. Love, then, is His essence, His inmost. Wisdom - the loving understanding of...

kwam
As with common verbs in general, the meaning of “come” in the Bible is highly dependent on context – its meaning is determined largely by...

Droom
A dream, as in Genesis 20:3,signifies being somewhat obscure.

zeide
As with many common verbs, the meaning of “to say” in the Bible is highly dependent on context. Who is speaking? Who is hearing? What...

dood
Dead (Gen. 23:8) signifies night, in respect to the goodnesses and truths of faith.

rechtvaardig
He is said to be 'just' in a spiritual sense, who lives according to divine laws. They on the right hand being called 'just,' as...

doden
'To slay a man to his wounding,' means extinguishing faith, and 'to slay a young man to his hurt,' signifies extinguishing charity, as in Genesis...

oprechtheid
'Integrity,' as in Genesis 20:5, signifies innocence and simplicity.

profeet
The idea of a "prophet" is very closely tied to the idea of the Bible itself, since the Bible was largely written by prophets. At...

weet
Like so many common verbs, the meaning of "know" in the Bible is varied and dependent on context. And in some cases – when it...

vroeg
Morning comes with the rising of the sun, and the sun – which gives life to the earth with its warmth and light – represents...

riep
'To proclaim' signifies exploration from influx of the Lord.

woorden
'Word,' as in Psalms 119:6-17, stands for doctrine in general. 'The Word,' as in Psalms 147:18, signifies divine good united with divine truth. 'Word,' as...

ons
Angels do give us guidance, but they are mere helpers; the Lord alone governs us, through angels and spirits. Since angels have their assisting role,...

gezien
To look,' as in Genesis 18:22, signifies thinking, because seeing denotes understanding. Look not back behind thee,' as in Genesis 19:17, means that Lot, who...

plaats
'A dry place,' as in Luke 11:24, signifies states of evil and falsity which are in the life of someone who does the work of...

vaders
Father in the Word means what is most interior, and in those things that are following the Lord's order, it means what is good. In...

dochter
"Behold I have two daughters,” etc. (Gen. 19:8), signifies the affections of good and truth, and the blessedness perceivable from the enjoyment thereof, by those...

moeder
In general, mothers in the Bible represent the Lord's church on earth, or the church among those who know and follow the Lord. In some...

huis
A "house" is essentially a container - for a person, for a family, for several families or even for a large group with shared interests...

komen
Coming (Gen. 41:14) denotes communication by influx.

schapen
A flock, as in Genesis 26, denotes interior or rational good. A flock signifies those who are in spiritual good. A flock signifies natural interior...

runderen
'A herd,' as mentioned in Genesis 32:7, denotes exterior or natural good, and also not good things.

goed
It seems rather circular to say that “good” in the Bible represents good, but in a general sense it’s true! The case is this: The...

ogen
It’s common to say “I see” when we understand something. And indeed, “seeing” in the Bible represents grasping and understanding spiritual things. So it makes...

duizend
As children, most of us at some point frustrated our mothers into using the phrase “if I've told you once, I've told you a thousand...

gegeven
Like other common verbs, the meaning of "give" in the Bible is affected by context: who is giving what to whom? In general, though, giving...

dienstmaagden
'Maids' denote external affections serving the internal.

heere
The Lord, in the simplest terms, is love itself expressed as wisdom itself. In philosophic terms, love is the Lord's substance and wisdom is His...

baarmoeders
'Matrix' signifies opening of the spiritual mind.


Přeložit: