Ezechiël 38

Studovat vnitřní smysl

Dutch Staten Vertaling         

← Ezechiël 37   Ezechiël 39 →

1 Wijders geschiedde des HEEREN woord tot mij, zeggende:

2 Mensenkind! zet uw aangezicht tegen Gog, het land van Magog, den hoofdvorst van Mesech en Tubal; en profeteer tegen hem,

3 En zeg: Zo zegt de Heere HEERE: Zie, Ik wil aan u, o Gog, gij hoofdvorst van Mesech en Tubal!

4 En Ik zal u omwenden, en haken in uw kaken leggen, en Ik zal u uitvoeren, mitsgaders uw ganse heir, paarden en ruiteren, die altemaal volkomen wel gekleed zijn, een grote vergadering, met rondas en schild, die altemaal zwaarden handelen;

5 Perzen, Moren en Puteers met hen, die altemaal schild en helm voeren;

6 Gomer en al zijn benden, en het huis van Togarma, aan de zijden van het noorden, en al zijn benden; vele volken met u.

7 Zijt bereid en maakt u gereed, gij en uw ganse vergadering, die tot u vergaderd zijn; en wees gij hun tot een wacht.

8 Na vele dagen zult gij bezocht worden; in het laatste der jaren zult gij komen in het land, dat wedergebracht is van het zwaard, dat vergaderd is uit vele volken, op de bergen Israels, die steeds tot verwoesting geweest zijn; als hetzelve land uit de volken zal uitgevoerd zijn, en zij allemaal zeker zullen wonen.

9 Dan zult gij optrekken, gij zult aankomen als een onstuimige verwoesting, gij zult zijn als een wolk, om het land te bedekken; gij en al uw benden, en vele volken met u.

10 Alzo zegt de Heere HEERE: Te dien dage zal het ook geschieden, dat er raadslagen in uw hart zullen opkomen, en gij zult een kwade gedachte denken,

11 En zult zeggen: Ik zal optrekken naar dat dorpland, ik zal komen tot degenen, die in rust zijn, die zeker wonen, die altemaal wonen zonder muur, en grendel noch deuren hebben.

12 Om buit te buiten, en om roof te roven; om uw hand te wenden tegen de woeste plaatsen, die nu bewoond zijn, en tegen een volk, dat uit de heidenen verzameld is, dat vee en have verkregen heeft, wonende in het midden des lands.

13 Scheba, en Dedan, en de kooplieden van Tarsis, en alle hun jonge leeuwen zullen tot u zeggen: Komt gij, om buit te buiten? hebt gij uw vergadering vergaderd, om roof te roven? om zilver en goud weg te voeren, om vee en have weg te nemen, om een groten buit te buiten?

14 Daarom profeteer, o mensenkind! en zeg tot Gog: Zo zegt de Heere HEERE: Zult gij het, te dien dage, als Mijn volk Israel zeker woont, niet gewaar worden?

15 Gij zult dan komen uit uw plaats, uit de zijden van het noorden, gij en vele volken met u; die altemaal op paarden zullen rijden, een grote vergadering, en een machtig heir;

16 En gij zult optrekken tegen Mijn volk Israel, als een wolk, om het land te bedekken; in het laatste der dagen zal het geschieden; dan zal Ik u aanbrengen tegen Mijn land, opdat de heidenen Mij kennen, als Ik aan u, o Gog! voor hun ogen zal geheiligd worden.

17 Zo zegt de Heere HEERE: Zijt gij die, van welken Ik in verleden dagen gesproken heb, door den dienst Mijner knechten, de profeten Israels, die in die dagen geprofeteerd hebben, jaren lang, dat Ik u tegen hen zou aanbrengen?

18 Maar het zal geschieden te dien dage, ten dage als Gog tegen het land Israels zal aankomen, spreekt de Heere HEERE, dat Mijn grimmigheid in Mijn neus zal opkomen.

19 Want Ik heb gesproken in Mijn ijver, in het vuur Mijner verbolgenheid: Zo er niet, te dien dage, een groot beven zal zijn in het land Israels!

20 Zodat van Mijn aangezicht beven zullen de vissen der zee, en het gevogelte des hemels, en het gedierte des velds, en al het kruipend gedierte, dat op het aardrijk kruipt, en alle mensen, die op den aardbodem zijn; en de bergen zullen nedergeworpen worden, en de steile plaatsen zullen nedervallen, en alle muren zullen ter aarde nedervallen.

21 Want Ik zal het zwaard over hem roepen op al Mijn bergen, spreekt de Heere HEERE; het zwaard van een ieder zal tegen zijn broeder zijn.

22 En Ik zal met hem rechten, door pestilentie en door bloed; en Ik zal een overstelpenden plasregen, en grote hagelstenen, vuur en zwavel regenen op hem, en op zijn benden, en op de vele volken, die met hem zullen zijn.

23 Alzo zal Ik Mij groot maken, en Mij heiligen, en bekend worden voor de ogen van vele heidenen; en zij zullen weten, dat Ik de HEERE ben.

← Ezechiël 37   Ezechiël 39 →
   Studovat vnitřní smysl
Swedenborg

Hlavní výklad ze Swedenborgových prací:

The Inner Meaning of the Prophets and Psalms 161


Další odkazy Swedenborga k této kapitole:

De hemelse Verborgenheden die in de Heilige Schrift of het Woord van de Heer 776, 1151, 1154, 1691, 2446, 2447, 2906, ...

Apocalypse Revealed 290, 331, 336, 399, 405, 436, 452, ...

Leer Over De Heer 4, 28

Ware Christelijke Religie 689


References from Swedenborg's unpublished works:

Apocalypse Explained 342, 355, 400, 405, 503, 504, 513, ...

Scriptural Confirmations 4, 9, 53, 74

Jiný komentář

  Příběhy:


Hop to Similar Bible Verses

Genesis 10:2

Exodus 14:4, 18

Deuteronomium 12:10

2 Kings 19:28

Psalm 11:6, 83:4

Jesaja 8:9, 25:3, 29:6, 37:29, 66:16

Jeremia 4:24, 49:31

Ezechiël 20:41, 27:10, 12, 13, 14, 15, 28:22, 25, 29:4, 32:30, 34:25, 27, 36:5, 6, 15, 23, 24, 39:1

Daniël 10:14, 11:40

Micha 4:1, 11

Nahum 1:5

Haggai 2:22

Zacharia 8, 14:12, 13

Apocalyps 8:7, 11:13, 16:21, 20:8, 9

Word/Phrase Explanations

heeren
The Lord, in the simplest terms, is love itself expressed as wisdom itself. In philosophic terms, love is the Lord's substance and wisdom is His...

woord
'Word,' as in Psalms 119:6-17, stands for doctrine in general. 'The Word,' as in Psalms 147:18, signifies divine good united with divine truth. 'Word,' as...

land
Generally in the Bible a "country" means a political subdivision ruled by a king, or sometimes a tribe with a territory ruled by a king...

zegt
As with many common verbs, the meaning of “to say” in the Bible is highly dependent on context. Who is speaking? Who is hearing? What...

paarden
'A horse' signifies knowledges or understanding of the Word. In an opposite sense it signifies the understanding of the Word falsified by reasonings, and likewise...

schild
'A shield' signifies defense which is trusted against evils and falsities. In respect to the Lord, it signifies defense, and in respect to people, confidence...

huis
A "house" is essentially a container - for a person, for a family, for several families or even for a large group with shared interests...

togarma
'Togarmah,' as in Ezekiel 27:14, signifies people in internal worship.

zijden
'Sides' signify the interior or middle between the inmost and the extremes. The word 'rib' is used to mean sides, they denote truths, but sides...

noorden
'North' signifies people who are in obscurity regarding truth. North,' in Isaiah 14:31, signifies hell. The North,' as in Jeremiah 3:12, signifies people who are...

komen
Coming (Gen. 41:14) denotes communication by influx.

zwaard
A 'sword,' in the Word, signifies the truth of faith combating and the vastation of truth. In an opposite sense, it signifies falsity combating and...

bergen
'Hills' signify the good of charity.

wonen
Many people were nomadic in Biblical times, especially the times of the Old Testament, and lived in tents that could be struck, moved and re-raised...

wolk
In Isaiah 19:1, "Jehovah rides upon a light cloud, and comes into Egypt", signifies the visitation of the natural man from spiritual-natural Divine Truth, for...

dage
The expression 'even to this day' or 'today' sometimes appears in the Word, as in Genesis 19:37-38, 22:14, 26:33, 32:32, 35:20, and 47:26. In a...

muur
'A wall' signifies truth in outer extremes. 'A wall,' as in Revelation 21, signifies the divine truth proceeding from the Lord, and so, the truth...

deuren
In a general sense, doors in the Bible represent the initial desires for good and concepts of truth that introduce people to new levels of...

buit
'To spoil,' as in Genesis 34:27, signifies destruction. 'Spoil,' as in Deuteronomy 13:16, signifies the falsification of truth.

hand
Scientists believe that one of the most crucial developments in the evolution of humans was bipedalism – walking on two legs. That left our hands...

heidenen
'Nations' signify people who are in the good of love and charity from the Lord. Two nations in the womb,' as in Genesis 25:23, signify...

vee
Animals in the Bible generally refer to spiritual activity, the things we actually do on a spiritual level. "Cattle," as typically used in the Bible,...

Dedan
Dedan (Gen. 10) signifies the knowledges of celestial things of an inferior order, such as consist in ritual observances. Dedan, in Jer. 49:8 signifies rituals...

zilver
'Silver,' in the internal sense of the Word, signifies truth, but also falsity. 'Silver' means the truth of faith, or the truth acquired from selfhood,...

goud
Gold means good, and just as gold was the most precious metal known to ancient mankind so it represents the good of the highest and...

israel
'Israel,' in Jeremiah 23:8, signifies the spiritual natural church. The children of Israel dispersed all the literal sense of the Word by falsities. 'The children...

plaats
'A dry place,' as in Luke 11:24, signifies states of evil and falsity which are in the life of someone who does the work of...

rijden
'To ride' signifies being elevated regarding the intellectual part of the mind. To ride upon a cherub,' as in Psalm 18:9, 10, denotes the Lord’s...

ogen
It’s common to say “I see” when we understand something. And indeed, “seeing” in the Bible represents grasping and understanding spiritual things. So it makes...

profeten
The idea of a "prophet" is very closely tied to the idea of the Bible itself, since the Bible was largely written by prophets. At...

grimmigheid
'Poison' denotes deceit or hypocrisy in the spiritual sense.

vuur
Just as natural fire can be both comforting in keeping you warm or scary in burning down your house, so fire in the spiritual sense...

beven
'To tremble,' as in Jeremiah 10:10, relates to the church when falsities are believed and called truths.

zee
Water generally represents what Swedenborg calls “natural truth,” or true concepts about day-to-day matters and physical things. Since all water ultimately flows into the seas,...

gevogelte
Fowl signify spiritual truth; a bird, natural truth; and a winged thing, sensual truth. Fowl signify intellectual things. Fowl signify thoughts, and all that creeps...

velds
When we have a desire to be good people and to do good things, the natural first questions are "What does that mean?" "What should...

aarde
'Lands' of different nations are used in the Word to signify the different kinds of love prevalent in the inhabitants.

pestilentie
'Pestilence' denotes the vastation of good and truth.

bloed
Bloods signify evil, in Ezek. 16:9.

zwavel
Brimstone (Isa. 34:9, etc.) signifies filthy lusts.

regenen
'Rain,' in a positive sense, denotes blessing, but in the opposite sense, damnation Rain,' as in Genesis 2:5-6, Exodus 34:25-27, and Hosea 6:3, signifies the...

heiligen
'To sanctify' denotes being led by the Lord. 'To sanctify' denotes being incapable of being violated.

weten
Like so many common verbs, the meaning of "know" in the Bible is varied and dependent on context. And in some cases – when it...


Přeložit: