Ezechiël 25

Studovat vnitřní smysl

Dutch Staten Vertaling         

← Ezechiël 24   Ezechiël 26 →

1 En des HEEREN woord geschiedde tot mij, zeggende:

2 Mensenkind! zet uw aangezicht tegen de kinderen Ammons, en profeteer tegen dezelve;

3 En zeg tot de kinderen Ammons: Hoort des Heeren HEEREN woord: Alzo zegt de Heere HEERE: Omdat gij gezegd hebt: Heah! over Mijn heiligdom, als het ontheiligd werd, en over het land Israels, als het verwoest werd, en over het huis van Juda, als zij in gevangenis gingen;

4 Daarom, ziet, Ik zal u aan die van het oosten overgeven tot een bezitting, dat zij hun burgen in u zetten, en hun woningen in u stellen, die zullen uw vruchten eten, en die zullen uw melk drinken.

5 En Ik zal Rabba tot een kemelstal maken, en de kinderen Ammons tot een schaapskooi; en gij zult weten, dat Ik de HEERE ben.

6 Want alzo zegt de Heere HEERE: Omdat gij met de hand geklapt, en met den voet gestampt hebt, en van harte verblijd zijt geweest in al uw plundering, over het land Israels;

7 Daarom, ziet, Ik zal Mijn hand tegen u uitstrekken, en u den heidenen ten buit geven, en zal u uit de volken uitroeien, en u uit de landen verdoen; Ik zal u verdelgen; en gij zult weten, dat Ik de HEERE ben.

8 Alzo zegt de Heere HEERE: Omdat Moab en Seir zeggen: Ziet, het huis van Juda is gelijk al de heidenen;

9 Daarom, ziet, Ik zal de zijde van Moab openen, van de steden af, van zijn steden, die van zijn grenzen af zijn, het sieraad des lands, Beth-Jesimoth, Baal-Meon, en tot Kiriathaim toe;

10 Voor die van het oosten, met het land der kinderen Ammons, hetwelk Ik ter bezitting zal overgeven; opdat der kinderen Ammons onder de heidenen niet meer gedacht worde.

11 Ik zal ook in Moab gerichten oefenen; en zij zullen weten, dat Ik de HEERE ben.

12 Alzo zegt de Heere HEERE: Omdat Edom met enkel wraakgierigheid gehandeld heeft tegen het huis van Juda; en zij zich zeer schuldig gemaakt hebben, dat zij zich aan hen gewroken hebben:

13 Daarom, alzo zegt de Heere HEERE: Ik zal ook Mijn hand uitstrekken tegen Edom, en Ik zal mens en beest uit haar uitroeien; en zal haar tot een woestheid stellen van Theman af; en zij zullen tot Dedan toe door het zwaard vallen.

14 En Ik zal Mijn wraak doen aan Edom, door de hand van Mijn volk Israel; en zij zullen tegen Edom naar Mijn toorn en naar Mijn grimmigheid handelen; alzo zullen zij Mijn wraak gewaar worden, spreekt de Heere HEERE.

15 Alzo zegt de Heere HEERE: Omdat de Filistijnen door wraak gehandeld hebben, en van harte wraak geoefend hebben door plundering, om te vernielen door een eeuwige vijandschap;

16 Daarom, alzo zegt de Heere HEERE: Ziet, Ik strek Mijn hand uit tegen de Filistijnen, en zal de Cherethieten uitroeien, en het overblijfsel van de zeehaven verdoen.

17 En Ik zal grote wraak met grimmige straffingen onder hen doen; en zij zullen weten, dat Ik de HEERE ben, als Ik Mijn wraak aan hen gedaan zal hebben.

← Ezechiël 24   Ezechiël 26 →
   Studovat vnitřní smysl
Swedenborg

Hlavní výklad ze Swedenborgových prací:

The Inner Meaning of the Prophets and Psalms 148


Další odkazy Swedenborga k této kapitole:

De hemelse Verborgenheden die in de Heilige Schrift of het Woord van de Heer 1197, 2468, 3762, 4240, 7523, 7673, 9340

Apocalypse Revealed 567

Leer Over De Heer 28


References from Swedenborg's unpublished works:

Apocalypse Explained 275, 650, 799, 817

Coronis (An Appendix to True Christian Religion) 58

Scriptural Confirmations 9, 74

Jiný komentář

  Příběhy:


Hop to Similar Bible Verses

Numeri 33:49

Deuteronomium 32:41, 43

Jozua 13:17, 20

Judges 6:3

I Samuël 30:14

II Samuël 12:26

2 Chronicles 28:17, 18, 32:19

Psalm 35:21, 83:5, 137:7

Proverbs 17:5

Jesaja 11:14, 14:28, 15:1, 17:2, 21:11, 34:5, 63:4

Jeremia 12:14, 25:21, 47:1, 48:1, 49:1, 7, 51:36

Lamentations 1:7

Ezechiël 21:25, 25:4, 7, 8, 10, 12, 14, 17, 26:2, 27:15, 20, 32:29, 35:1, 15, 36:5

Amos 1:6, 11, 13, 2:1

Obadiah 1:1

Zefanja 2:4, 6, 8

Zacharia 9:5

Maleachi 1:3, 4

Apocalyps 6:10

Word/Phrase Explanations

heeren
The Lord, in the simplest terms, is love itself expressed as wisdom itself. In philosophic terms, love is the Lord's substance and wisdom is His...

woord
'Word,' as in Psalms 119:6-17, stands for doctrine in general. 'The Word,' as in Psalms 147:18, signifies divine good united with divine truth. 'Word,' as...

ammons
The children of Ammon ('Jeremiah 49:1'), signify those who falsify the truths of the Word, and of the church.

hoort
'To hearken to father and mother,' as mentioned in Genesis 28:7, signifies obedience from affection. 'To hearken,' as mentioned in Genesis 30:22, signifies providence. See...

israels
'Israel,' in Jeremiah 23:8, signifies the spiritual natural church. The children of Israel dispersed all the literal sense of the Word by falsities. 'The children...

huis
A "house" is essentially a container - for a person, for a family, for several families or even for a large group with shared interests...

juda
City of Judah,' as in Isaiah 40:9, signifies the doctrine of love towards the Lord and love towards our neighbor in its whole extent.

eten
When we eat, our bodies break down the food and get from it both energy and materials for building and repairing the body. The process...

melk
Water represents true ideas about day-to-day life, and other drinks and liquids in general represent different forms of truth. Milk is a drink that contains...

drinken
To be drunken without wine (Isa. 29:9), are they who are unconcerned about the Word, and the truths of faith, and thus have no inclination...

Rabba
Rabbath

weten
Like so many common verbs, the meaning of "know" in the Bible is varied and dependent on context. And in some cases – when it...

hand
Scientists believe that one of the most crucial developments in the evolution of humans was bipedalism – walking on two legs. That left our hands...

voet
The foot, as in Deuteronomy 33:3, signifies an inferior principle. To set the right foot on the sea and the left on the earth, as...

geven
Like other common verbs, the meaning of "give" in the Bible is affected by context: who is giving what to whom? In general, though, giving...

landen
'Nations' signify people who are in the good of love and charity from the Lord. Two nations in the womb,' as in Genesis 25:23, signify...

moab
'Moab,' in a positive sense, signifies people who are in natural good, and allow themselves to be easily seduced, but in an opposite sense, it...

seir
'Seir,' as in Genesis 33:14, signifies the conjunction of spiritual and celestial things in the natural level, that is, the truth of faith with the...

zeggen
As with many common verbs, the meaning of “to say” in the Bible is highly dependent on context. Who is speaking? Who is hearing? What...

steden
Cities of the mountain and cities of the plain (Jer. 33:13) signify doctrines of charity and faith.

Edom
'Edom' or 'Idumea,' as in Isaiah 34:5, signifies those who are in evil and in falsities thence derived.

beest
"Beasts" represent the affection for doing good things, a true desire to do them from the heart. In the negative sense, "beasts" stand for the...

Dedan
Dedan (Gen. 10) signifies the knowledges of celestial things of an inferior order, such as consist in ritual observances. Dedan, in Jer. 49:8 signifies rituals...

zwaard
A 'sword,' in the Word, signifies the truth of faith combating and the vastation of truth. In an opposite sense, it signifies falsity combating and...

vallen
Like other common verbs, the meaning of "fall" is highly dependent on context in regular language, and is highly dependent on context in a spiritual...

toorn
'Toorn', zoals in Genesis 49: 7, betekent afkeer van de waarheid. 'Grote toorn', zoals in Openbaring 00:12, betekent haat tegen de nieuwe kerk.

grimmigheid
'Poison' denotes deceit or hypocrisy in the spiritual sense.

filistijnen
The Philistines play a large role in the Bible as one of the longest-standing and most bitter rivals of the people of Israel, clashing with...

wraak
'To be avenged seventy and seven fold' denotes damnation.


Přeložit: