Exodus 22

Studovat vnitřní smysl

Dutch Staten Vertaling         

← Exodus 21   Exodus 23 →

1 Wanneer iemand een os, of klein vee steelt, en slacht het, of verkoopt het, die zal vijf runderen voor een os wedergeven, en vier schapen voor een stuk klein vee.

2 Indien een dief gevonden wordt in het doorgraven, en hij wordt geslagen, dat hij sterft, het zal hem geen bloedschuld zijn.

3 Indien de zon over hem opgegaan is, zo zal het hem een bloedschuld zijn; hij zal het volkomen wedergeven; heeft hij niet, zo zal hij verkocht worden voor zijn dieverij.

4 Indien de diefstal levend in zijn hand voorzeker gevonden wordt, hetzij os, of ezel, of klein vee, hij zal het dubbel wedergeven.

5 Wanneer iemand een veld, of een wijngaard laat afweiden, en hij zijn beest daarin drijft, dat het in eens anders veld weidt, die zal het van het beste zijns velds en van het beste zijns wijngaards wedergeven.

6 Wanneer een vuur uitgaat, en vat de doornen, zodat de koornhoop verteerd wordt, of het staande koorn, of het veld; hij, die de brand heeft aangestoken, zal het volkomen wedergeven.

7 Wanneer iemand zijn naaste geld of vaten te bewaren geeft, en het wordt uit diens mans huis gestolen; indien de dief gevonden wordt, hij zal het dubbel wedergeven.

8 Indien de dief niet gevonden wordt, zo zal de heer des huizes tot de goden gebracht worden, of hij niet zijn hand aan zijns naasten have gelegd heeft.

9 Over alle zaak van onrecht, over een os, over een ezel, over klein vee, over kleding, over al het verlorene, hetwelk iemand zegt, dat het zijn is, beider zaak zal voor de goden komen; wien goden verwijzen, die zal het aan zijn naaste dubbel wedergeven.

10 Wanneer iemand aan zijn naaste een ezel, of os, of klein vee, of enig beest te bewaren geeft, en het sterft, of het wordt verzeerd, of weggedreven, dat het niemand ziet;

11 Zo zal des HEEREN eed tussen hen beiden zijn, of hij niet zijn hand aan zijns naasten have geslagen heeft; en derzelver heer zal dien aannemen; en hij zal het niet wedergeven.

12 Maar indien het van hem zekerlijk gestolen is, hij zal het zijn heer wedergeven.

13 Is het gewisselijk verscheurd, dat hij het brenge tot getuige, zo zal hij het verscheurde niet wedergeven.

14 En wanneer iemand van zijn naaste wat begeert, en het wordt beschadigd, of het sterft; zijn heer daar niet bij zijnde, zal hij het volkomen wedergeven.

15 Indien zijn heer daarbij geweest is, hij zal het niet wedergeven; indien het gehuurd is, zo is het voor zijn huur gekomen.

16 Wanneer nu iemand een maagd verlokt, die niet ondertrouwd is, en hij ligt bij haar, die zal haar zonder uitstel een bruidschat geven, dat zij hem ter vrouwe zij.

17 Indien haar vader ganselijk weigert haar aan hem te geven, zo zal hij geld geven naar den bruidschat der maagden.

18 De toveres zult gij niet laten leven.

19 Al wie bij een beest ligt, die zal zekerlijk gedood worden.

20 Wie de goden offert, behalve den HEERE alleen, die zal verbannen worden.

21 Gij zult ook den vreemdeling geen overlast doen, noch hem onderdrukken; want gij zijt vreemdelingen geweest in Egypteland.

22 Gij zult geen weduwe noch wees beledigen.

23 Indien gij hen enigszins beledigt, en indien zij enigszins tot Mij roepen, Ik zal hun geroep zekerlijk verhoren;

24 En Mijn toorn zal ontsteken, en Ik zal ulieden met het zwaard doden; en uw vrouwen zullen weduwen, en uw kinderen zullen wezen worden.

25 Indien gij Mijn volk, dat bij u arm is, geld leent, zo zult gij tegen hetzelve niet zijn, als een woekeraar; gij zult op hetzelve geen woeker leggen.

26 Indien gij enigszins uws naasten kleed te pand neemt, zo zult gij het hem wedergeven, eer de zon ondergaat;

27 Want dat alleen is zijn deksel, het is zijn kleed over zijn huid; waarin zou hij liggen? Het zal dan geschieden, wanneer hij tot Mij roept, dat Ik het zal horen; want Ik ben genadig!

28 De goden zult gij niet vloeken, en de oversten in uw volk zult gij niet lasteren.

29 Uw volheid en uw tranen zult gij niet uitstellen; den eerstgeborene uwer zonen zult gij Mij geven.

30 Desgelijks zult gij doen met uw ossen en met uw schapen; zeven dagen zullen zij bij hun moeder zijn, op den achtsten dag zult gij ze Mij geven.

31 Gij nu zult Mij heilige lieden zijn; daarom zult gij geen vlees eten, dat op het veld verscheurd is, en zult het den hond voorwerpen.

← Exodus 21   Exodus 23 →
   Studovat vnitřní smysl
Swedenborg

Hlavní výklad ze Swedenborgových prací:

De hemelse Verborgenheden die in de Heilige Schrift of het Woord van de Heer 9098, 9123, 9124, 9125, 9126, 9127, 9128, ...


Další odkazy Swedenborga k této kapitole:

De hemelse Verborgenheden die in de Heilige Schrift of het Woord van de Heer 3325, 3540, 3693, 4171, 4433, 4434, 4444, ...

Apocalypse Revealed 17, 496, 623, 764


References from Swedenborg's unpublished works:

Apocalypse Explained 28, 548, 863, 865, 946, 1121

Jiný komentář

  Příběhy:


  Biblická studia:



Hop to Similar Bible Verses

Genesis 31:39, 34:12

Exodus 13:2, 12, 20:3, 21:34, 23:9, 16, 19, 34:15

Leviticus 7:23, 24, 26, 11:44, 45, 17:7, 15, 18:23, 19:33, 20:6, 22:8, 27, 25:35, 36

Numeri 1

Deuteronomium 10:18, 13:2, 16, 14:21, 15:9, 19, 17:2, 5, 18:10, 22:29, 23:8, 20, 21, 24:10, 13, 17, 27:21

I Samuël 28:3

II Samuël 16:5

I Koningen 2:8, 9

2 Kings 23:20

2 Chronicles 15:13

Nehemiah 5:7

Job 6:27, 34:28

Psalm 10:14, 15:5, 34:7, 146:9

Proverbs 22:23

Ecclesiastes 10:20

Jesaja 1:17, 40:2

Jeremia 2:34

Lamentations 5:3

Ezechiël 4:14, 18:7

Amos 2:8

Zacharia 7:10

Maleachi 3:5

Acts of the Apostles 23:5

Hebrews 6:16

James 5:4

Word/Phrase Explanations

dief
In Revelation 3:3, it says 'the Lord will come like a thief,' because a person in dead worship is deprived of the external good of...

veld
When we have a desire to be good people and to do good things, the natural first questions are "What does that mean?" "What should...

doornen
'Thorns,' as in Jeremiah 12:13, signify the evils and falsities of self-love and the love of the world.

geld
'Money' relates to truth.

huis
A "house" is essentially a container - for a person, for a family, for several families or even for a large group with shared interests...

maagd
A ‘virgin’ in the Word means those who are in the Lord’s kingdom. –Secrets of Heaven 3081...

maagden
'Virgins,' as in Revelation 14:4, signify people who love truths because they are truths, so from a spiritual affection. 'Virgin' signifies the church as a...

toorn
'Toorn', zoals in Genesis 49: 7, betekent afkeer van de waarheid. 'Grote toorn', zoals in Openbaring 00:12, betekent haat tegen de nieuwe kerk.

doden
The Lord is love itself, and that love is the ultimate source of all energy and thus of all life. It follows, then, that the...

dag
"Day" describes a state in which we are turned toward the Lord, and are receiving light (which is truth) and heat (which is a desire...

hond
A dog, as in Exodus 11 (Exod. 11:7: seven, ignifies the lowest or meanest of all in the church, also those who are without the...


Přeložit: